Klik op het plaatje om terug te keren naar het voorblad "Vergeten Eters"

FLORILEPIDOPTERUS FRÖDEWITZI

Otto von Gräfendorff was een bekend man in zijn tijd, zo omstreeks het midden van de 19-e eeuw. Hij was een graag gehoord, maar vooral veel gelezen natuuronderzoeker en ontdekkingsreiziger. Tijdens zijn tochten op zoek naar de brongebieden van de Japoera,een belangrijke tak van de Amazone, schreef hij lange verslagen die na een nog langere tocht naar huis ten slotte gepubliceerd werden in de toen nog jonge Dresdener Algemeine Zeitung. Von Gräfendorff was een uitnemend naturist en hij verzamelde, als gebruikelijk in zijn tijd, allerhande rariteiten, maar hij heeft toch ook de basis gelegd voor een omvangrijke collectie insecten voor het Dresdener Museum, een verzameling die hij in latere jaren nauwkeurig geklassificeerd en beschreven heeft. Zijn belangstelling ging vooral uit naar vlinders. Tijdens één van zijn tochten naar het Zuidamerikaanse binnenland, gebeurde het dat de Indiaanse bevolking van een zeker dorp, die wel op de hoogte was van zijn voorliefde, Von Gräfendorff duidelijk maakte, dat er op een boom een bloem groeide die echt ook een vlinder was. Maar om deze te vinden moest men wel vanuit het basiskamp een bijzonder zware en gevaarlijke tocht  maken over een zijriviertje met veel vallen en stroomversnellingen. Von Gräfendorff was in zijn geestdrift niet meer te houden en trof direct, tegen het advies van zijn tochtgenoten in, voorbereidingen voor een reis naar deze bijzondere vlinder. Zijn metgezellen wilden hem evenwel niet alleen laten gaan en besloten, zij het met weerzin, met hem mee te gaan. Des te tragischer was het, dat reisgenoot Caspar Frödewitz verdronk, toen één van de kano's omsloeg. Von Gräfendorff zette zijn tocht niettemin voort en vond te langen leste in een zeer dicht begroeid oeverbos de bloemvlinder, die hij later Florilepidopterus frödewitzi noemde ter nagedachtenis aan zijn vriend en reismakker. Toen de toedracht van de weliswaar gelukte, maar onfortuinlijke reis in vaderstad Dresden bekend werd, kostte dit Von Gräfendorff veel van zijn populariteit, maar zijn kwaliteit als wetenschapper en ontdekkingsreiziger werden nooit in twijfel getrokken. Von Gräfendorff heeft een nauwkeurige beschrijving van zijn vondst, of misschien moet men zeggen, vangst gegeven. De Florilepidopterus is een vlinder die na zijn popstadium korte tijd rondfladdert en dan een levenswijze aangaat, die het het beste te vergelijken is met die van een bladluis. De zuigsnuit van de vlinder boort zich in de verhoudingsgewijs zachte bast van de takken van een soort boom, die alleen voorkomt aan de zij rivier van genoemde Japoera. Het verschil met de bladluis bestaat hierin, dat zuigsnuit van de vlinder vastgroeit in de bast, zodat de vlinder zich later nooit meer verplaatsen kan. De vleugels ondergaan een verandering van vorm, en het bloemachtige uiterlijk, dat de vlinder voortaan heeft, kan waarschijnlijk het beste als een maskering voor mogelijke vijanden beschouwd worden. Grote hoeveelheden plantensap worden opgezogen, waaruit het weinige eiwit wordt opgenomen, terwijl het overtollige suikerwater via de twee achterste tracheeën wordt geloosd. De vlinder legt ter plekke een groot aantal eieren en sterft. De nauwgezette beschrijvingen van Von Gräfendorff hebben alle betrekking op vrouwtjesvlinders. Mannetjes heeft hij niet waargenomen. Ze zijn mogelijk zeldzaam of leiden een zwervend bestaan. Het type bos is veranderd op de plaats, waar Von Gräfendorff oorspronkelijk de Florilepidopterus vond en de speciale bomen, waarop de vlinders leven, zijn er niet meer. Waarschijnlijk zijn de vlinders nog wel op te sporen, als men zich maar de moeite zou geven alle zijrivieren van de Japoera af te speuren op zoek naar hun biotoop. De hele Dresdense collectie is verloren gegaan. Het op de afbeelding getoonde exemplaar is een reconstructie gemaakt op grond van de beschrijvingen van Von Gräfendorff en een enkel beschadigd specimen, dat zich bevindt in een collectie in Leipzig, die eertijds door een vriend van de grote natuurvorser was aangelegd.