Klik op het plaatje om terug te keren naar het voorblad "Vergeten Eters"

LOCOMOTORIUS VIVAX

De Locomotorius vivax heeft alleen maar een wetenschappelijke naam. Hij is te klein en te snel om gemakkelijk door mensen gezien te worden en waarschijnlijk daarom heeft hij nooit een alledaagse benaming gekregen. Toch is hij niet zo zeldzaam. Men moet alleen weten, waar hem te zoeken en waarop te letten. Pas laat in de negentiende eeuw werd hij door Olav Thorbjorn ontdekt tijdens de elandenjacht. Thorbjorn was een gefortuneerd zakenman uit Stockholm, die ervan hield grootse jachtfestijnen aan te richten voor zijn vele vrienden en even vele vriendinnen op zijn uitgestrekte landgoed in bosrijk Zweden. Tijdens zo'n jachtpartij gebeurde het eens, dat Thorbjorn en mevrouw Viviane ("Fifi") A.--haar naam doet niet echt ter zake bij de beschrijving van de ontdekking van de Locomotorius--afgedwaald raakten van de rest van het gezelschap. De twee werden overvallen door een betrekkelijk ernstige regenbui en zagen zich gedwongen beschutting te zoeken in een houthakkershut, die Thorbjorn gelukkig snel wist te vinden, want hij kende het gebied goed. De hut, die midden in de dennebossen gelegen was, behoefde enige verwarming om de natte kleren te laten opdrogen. Brandhout was in voldoende voorraad aanwezig, want Thorbjorn stond er altijd op, dat zijn houthakkers ervoor zorgden op noodsituaties ingesteld te zijn. Deze hut was goed voorzien van aanmaaktakjes rijkelijk begroeid met korstmossen. Thorbjorn stapelde de takjes in de open haard en terwijl hij doende was met deze en andere bezigheden, meende hij uit zijn ooghoeken snelle bewegingen te zien tussen de takjes. Thorbjorn was flink myoop en hij had zijn bril, die in de vochtige hut beslagen was geraakt, afgezet. Nu hij zijn bijziende ogen eens dicht bij de takjes hield, zag hij kleurige beestjes pijlsnel langs witte draadjes heen en weer schieten. Dit beeld verontrustte hem ten zeerste, want hij had de noodvoorraad drank--eveneens op zijn uitdrukkelijke instructie door de houthakkers aangesleept met het oog op eventualiteiten--nog niet eens aangesproken. Tot zijn niet geringe opluchting wist mevrouw A. hem gerust, ja zelfs op zijn gemak, te stellen. De volgende morgen--het was inmiddels mooi weer geworden--heeft Thorbjorn enige wit bedrade takjes verzameld en meegenomen om ze later voor onderzoek ter hand te stellen aan zijn vriend Per Sigurdson, conservator bij het Koninklijk Zo÷logisch Kabinet. Sigurdson kon, evenals destijds mevrouw A., Thorbjorn gerust stellen, zij het op niet geheel dezelfde wijze. Hij, Thorbjorn, had zich niets verbeeld en zich nodeloos ongerust gemaakt, dat zijn zinnen op hol waren geslagen. Hij had met zijn bijziende ogen juist heel dichtbij heel kleine beestjes kunnen zien. Nauwkeurig en vooral geduldig onderzoek maakten Sigurdson het bestaan duidelijk van primitieve, aan miljoenpoten verwante diertjes, die zich met korstmossen voeden en die tweesporige banen weven van draden die ze tussen bemoste takken, hun weidegronden, spannen. De Locomotorii bewegen zich met grote snelheid langs deze banen. Ze zijn daarom niet gemakkelijk waar te nemen. Bovendien zijn ze erg schuw en vertonen zich pas als ze denken, dat de kust veilig is. De Locomotorii stellen als eis aan hun omgeving, dat er zowel gele als blauwe korstmossen dicht bij elkaar voorkomen. Ze eten afwisselend eerst enige weken van de gele korstmossen en dan van de blauwe, waarbij hun kleur zich aanpast door van oranje-rood via geel-groen in blauw-paars te veranderen en dan weer andersom. Het waarom van hun ritmisch wisselende voedingspatronen is niet bekend, maar hangt wel samen met hun levenscyclus: de oranje-rode exemplaren paren en planten zich voort en de paarsblauwe houden zich bezig met aanleg en onderhoud van de gemeenschappelijke aanvoerwegen naar hun weidegronden. Sigurdson gaf de diertjes de naam Locomotorius op grond van hun eigenaardige wijze van voortbewegen en het achtervoegsel vivax met het oog op hun buitengewone snelheid en levendigheid (N.B.een samenhang, als gesuggereerd door sommige van Thorbjorns "vrienden", met de voornaam van mevrouw A. is vooralsnog als zonder grond te beschouwen en enige overeenkomst in klank als zuiver toeval). De Locomotorius vivax is, als gezegd, helemaal niet zo zeldzaam. Vindt men in een dennebos takjes begroeid met gele en blauwe korstmossen bekleed met een netwerk van witte draden met een zigzagpatroon, dan is de Locomotorius, vergroot weergeven op bijgaande plaat, niet ver. Men moet, om hem te zien te krijgen, alleen de moeite nemen een vergrootglas ter hand te nemen (of, als men bijziend is, de bril af te zetten) en heel stil en geduldig te wachten tot het het schuwe diertje blieft zich te vertonen.