|
Op de afdeling Kindergeneeskunde Groningen in het Instituut voor Lever-,
Darm- en Stofwisselingsziekten loopt een onderzoeksproject getiteld
"Behandeling van erythropoïetische protoporfyrie door beïnvloeding van
fecale vetuitscheiding".
Erythropoïetische protoporfyrie (EPP) is een erfelijke ziekte waarbij de
aanmaak van heem sterk is verminderd en zogenaamde voorlopermoleculen
(precursors) zich ophopen in het lichaam. Zo is de hoeveelheid van
protoporfyrine, een precursor van heem, in bloed, lever en huid sterk verhoogd
bij EPP patiënten. De stapeling in de huid leidt tot een vergrote
lichtgevoeligheid: de patiënten krijgen klachten van jeuk, zwelling, pijn en
brandwondachtige laesies in de huid als zij wordt blootgesteld aan (violet en
groen) licht. De stapeling van protoporfyrine in de lever kan leiden tot
ernstige, zelfs fatale leverschade. De behandelingsmogelijkheden voor EPP zijn
erg beperkt. De belangrijkste leefregel betreft het levenslang vermijden van
blootstelling van de huid aan violet-groen licht, zoals ook aanwezig in
zonlicht. Dit heeft uiteraard grote psychologische, sociale en
beroepsmatige consequenties. In het project zal de effectiviteit van een nieuwe
behandeling worden onderzocht in muizen met dezelfde erfelijke aandoening en in
EPP patiënten. Protoporfyrine is een molecuul dat goed in vet oplost. De nieuwe
behandeling betreft het stimuleren van vetuitscheiding via de ontlasting.
Hierbij wordt beoogd
dat tegelijkertijd de protoporfyrine-uitscheiding wordt gestimuleerd en de
ophoping wordt tegengegaan. Het is te verwachten dat een minder ernstige
ophoping van protoporfyrine gunstig is voor de klachten van
lichtovergevoeligheid en leverschade. Vooronderzoek heeft inmiddels al
aangetoond dat inderdaad de stapeling van protoporfyrine kan worden tegengegaan
door de vetuitscheiding te verhogen.
Het project omvat zowel proefdieronderzoek in de "EPP muizen",
laboratoriumwerk (biochemische analyses, toegepaste moleculaire biologie), en
betrokkenheid bij het geplande patiëntenonderzoek.
Het project zal worden uitgevoerd in het Research Laboratorium van de afdeling
Kindergeneeskunde. EPP patiënten hebben in hun leven vaak ook te maken met
andere disciplines dan Kindergeneeskunde, zoals Interne Geneeskunde en
Dermatologie. Binnen het kader van het project wordt samengewerkt met de AZG/RUG
afdelingen Interne Geneeskunde (Prof.dr. P.L.M. Jansen), Dermatologie (Prof.dr.
P.J. Coenraads) en Pathologie en Laboratorium Geneeskunde (Prof.dr. F. Kuipers).
Het onderzoek zal parallel lopen aan het door de Koninklijke Nederlandse
Akademie voor Wetenschappen toegekende project ""Regulation of
intestinal fat absorption as a novel therapeutic strategy to enhance excretion
of toxic hydrophobic compounds from the body"
(KNAW Fellow dr. H.J. Verkade, afd. Kindergeneeskunde).
Bron: Research
Lab Pediatrics University Hospital Groningen
|