Mediahype cases: De gekke-koeien crisis."Official: Mad Cow Can Kill You." |
||
|
Uit:MediahypeNieuws maken door de opwinding te verslaanPeter Vasterman Cahier 20. Een uitgave van de Faculteit Communicatie en Journalistiek Utrecht. 1999 "Nieuws is geen soap, er schuilt echt leed achter van echte mensen. De affaires die verderop aan de orde komen, zijn dan ook niet door de media verzonnen. Maar ze zijn wel voor een deel door de media gemaakt. De berichtgeving in de kranten vormt immers een integrerend bestanddeel van deze affaires en kan er niet los van worden gezien. De vraag is: brengen krantenstukken alleen maar verslag uit van gebeurtenissen of genereren zij ook gebeurtenissen die vervolgens weer tot nieuws worden verwerkt?" José Reinaarts.
Discussie over hypes in de media blijven vaak steken in vaagheden, omdat onduidelijk is wat nu precies zo kenmerkend is voor dit soort nieuws. Is opkloppen en overdrijven typerend voor hypes? De jacht op nieuws? Het rondzingen van onjuiste feiten? In dit Cahier een poging om het begrip mediahype los te maken van waardeoordelen en criteria te ontwikkelen voor een helder onderscheid tussen 'reguliere' en 'hype' berichtgeving. Centraal daarbij staat de speciale dynamiek die op gang komt tijdens een mediahype en die het gevolg is van de interactie tussen media en samenleving. Aan de hand van analyses van vijf recente nieuwsgolven (zinloos geweld, versterving, ontucht op scholen, de Groningse bestuurscrisis en de Britse BSE-crisis) wordt een theoretisch model ontwikkeld waarmee onderscheid gemaakt kan worden naar soorten mediahypes. Speciale aandacht gaat uit naar de triggers van de hype, de invloed van de berichtgeving op de gebeurtenissen en de relatie met de 'ontdekking' van nieuwe sociale problemen.
Hypes: 'much ado about nothing?'
|
Niets aan de hand? De internationale explosie van publiciteit in het voorjaar van 1996 over het mogelijk verband tussen BSE , bijgenaamde de gekke-koeienziekte, en Creutzfeldt-Jakob , een vergelijkbare dodelijke hersenziekte bij mensen, heeft een lange voorgeschiedenis. De ontdekking van deze nieuwe ziekte bij runderen, een variant van het al eeuwen bekende scrapie bij schapen, werd voor het eerst wereldkundig gemaakt in april 1987 door het Britse ministerie van landbouw, visserij en voedsel (MAFF ). Een door de overheid ingestelde onderzoekscommissie kwam tot de conclusie: "that it was most unlikely that BSE will have any implications for human health. (...) With the long incubation period of Spongiform Encephalopathies in humans it may be a decade before complete reassurances can be given." Zowel BSE als CJD worden veroorzaakt door prionen , die van de hersenen letterlijk een spons kunnen maken. De Britse overheid beschouwde rundvlees als volkomen veilig voor menselijke consumptie, maar kondigde niettemin maatregelen aan om BSE aan te pakken door een verbod op het voeren van slachtafval aan runderen (juli 1988) en door het verplicht vernietigen van dieren met BSE-symptomen. Het aantal runderen met BSE zou na deze Offal Food Ban sterk afnemen, al werd die afname pas enkele jaren later zichtbaar. De maatregelen werden verscherpt toen in 1990 vijf antilopen uit een dierentuin en een aantal katten met BSE vergelijkbare symptomen bleken te vertonen, hetgeen zou kunnen wijzen op een 'cross-species' overstap van de prionen. Verschillende Europese landen besloten importbeperkingen op te leggen aan Britse rundvlees. Voor het eerst kreeg BSE de volle aandacht van de media, en dat leidde tot de nodige verontrusting, zo schrapten enkele scholen rundvlees van het menu, ondanks de verzekering van de overheid dat het Britse vlees nog steeds absoluut veilig was. En voor het eerst doken de beelden op die later in 1996 op ieders netvlies geëtst zouden worden, namelijk de beelden van de wankelende 'gekke' koe.
informatievacuüm BSE paste voor de media perfect in de reeks van eerdere 'food crises', als die rond de salmonellabesmettingen, die in de jaren daarvoor al voor grote ophef hadden gezorgd. Hoewel er (nog) geen menselijke slachtoffers van de BSE-variant van CJD 'beschikbaar' waren, bood het onderwerp voldoende mogelijkheden voor human interest (de geruïneerde boer versus de minister die zijn dochtertje op tv een hamburger laat eten) en schokkende beelden (van de vernietiging van karkassen). Bovendien kreeg het BSE-verhaal al snel de invalshoek van een falende overheid die het schandaal in de doofpot wilde stoppen. Het MAFF probeerde namelijk de informatiestroom over BSE zoveel mogelijk zelf te controleren en verbood soms deskundigen om met de pers te praten. Door dit informatievacuüm kregen 'alternatieve' bronnen met dramatische uitspraken over de gevolgen van de BSE-crisis voor de volksgezondheid veel ruimte in de media. In de jaren daarna verdween BSE vrijwel geheel uit het nieuws bij gebrek aan nieuwswaardige gebeurtenissen, het wachten was op de resultaten van wetenschappelijk onderzoek of nieuwe overheidsmaatregelen. De strategie van het MAFF om te voorkomen dat experts controversiële uitspraken zouden doen bleek voorlopig vruchten af te werpen: BSE was geen nieuws meer en ook de dissidente wetenschappers met hun doemscenario's raakten 'uit' voor de media.
extremely small risk Het blijft tamelijk stil rond BSE tot 20 maart 1996, wanneer minister van Gezondheidszorg Stephen Dorrel bekend maakt dat zich in de afgelopen jaren tien onverklaarbare gevallen van een speciale variant van CJD (nv-CJD ) bij jonge mensen hebben voorgedaan en dat er misschien toch een verband zou kunnen bestaan tussen het eten van rundvlees van vóór de maatregelen van 1989. "There remains no scientific proof that BSE can be transmitted to man by beef, but the Committee has concluded that the most likely explanation at present is that these cases are linked to exposure to BSE before the introduction of the specified bovine offal ban in 1989." Dorrell in zijn verklaring: "The new measures and effective enforcement of existing measures will continue to ensure that the likely risk of developing CJD is extremely small." Wetenschappelijk beschouwd was het directe oorzakelijk verband tussen BSE en CJD op dat moment nog niet bewezen. Wel had de Britse overheid daarmee officieel de stap gemaakt van een "inconceivable" naar een "extremely small risk", en dat maakte een wereld van verschil, ook al probeerden de autoriteiten te benadrukken dat er geen reden was voor paniek.
worse than Aids? De media speelden een belangrijke rol op die eerste dag van de BSE-crisis. Het rapport van de door de overheid ingestelde onderzoekscommissie SEAC was uitgelekt naar de Daily Mirror die er meteen over publiceerde ("Official: Mad Cow Can Kill You.") en de minister daarmee onder druk zette om halsoverkop een persconferentie te organiseren. De op het eerste gezicht tegenstrijdige boodschap dat rundvlees nog steeds veilig was, maar dat miljoenen runderen zouden worden afgemaakt, leidde tot veel speculatie en verontrusting. Later op diezelfde dag schatte een 'encephalopathies' deskundige in een veelbekeken televisie-interview het aantal mogelijke BSE/CJD-slachtoffers op ruim een half miljoen mensen. Bovendien antwoordde hij bevestigend op de vraag van de interviewer of deze 'epidemie' even groot zou kunnen worden als Aids, zonder dat antwoord verder toe te lichten. "Could it be worse than Aids?" kopte dan ook een van de Britse tabloids de volgende dag groot op de voorpagina. De aankondiging van nieuwe maatregelen om BSE uit te roeien versterkten de indruk van een groot gevaar voor de volksgezondheid.
de status van feit Gezien de voorgeschiedenis van de BSE-affaire in Engeland en deze 'ongecontroleerde' informatiestroom over de SEAC bevindingen, wekt het geen verbazing dat er al snel een niet meer te stuiten publicitaire kettingreactie op gang kwam. Voor het einde van de avond van de twintigste maart was het voor de media en daarmee voor het publiek een uitgemaakte zaak: BSE is de oorzaak van de nieuwe gevallen van CJD, en dus is het eten van rundvlees riskant. Herhalingen van televisiebeelden van enkele jaren geleden waarin ministers en deskundigen nog bezweren dat Brits rundvlees absoluut veilig is, versterkten de beeldvorming van een falende overheid, die met al die geruststellende verklaringen alleen maar meer verdacht werd. In deze eerste fase van de berichtgeving krijgt de link tussen BSE en CJD al snel de status van een vastgesteld feit, terwijl er wetenschappelijk gezien alleen maar een vermoeden bestond dat de ziekteverwekkende prionen de stap van dier naar mens hadden gezet. Dat gebeurde niet alleen in de tabloids maar ook in 'kwaliteitskranten' als de London Times en de Financial Times. Uit een inhoudsanalyse van deze laatste krant blijkt dat de berichtgeving in de eerste dagen tamelijk onnauwkeurig was met een sterke nadruk op de 'definite link' tussen BSE en CJD, terwijl de artikelen in de weken daaropvolgend steeds genuanceerder en wetenschappelijk correcter werden. Maar deze artikelen werden vaak overschaduwd door forse koppen die weinig ruimte lieten voor twijfel.
politieke en economische gevolgen Pas weken later komen de genuanceerde commentaren en achtergrondverhalen waarin wordt gewezen op de zeer overdreven maatschappelijke reacties op een in vergelijking met andere bedreigingen extreem klein gezondheidsrisico. Maar op dat moment heeft de 'BSE-ramp' zich al voltrokken: uiteindelijk zouden 2,75 miljoen runderen vernietigd worden en zou de economische schade in de tientallen miljarden lopen. In de de maanden na de bekendmaking van Dorrell concentreren de media zich op alle politieke en economische gevolgen: de discussie over de omvang van het slachtprogramma, de schadeclaims uit de rundvleessector, het EU exportverbod op Britse rundvlees, het besluit van McDonald's om geen Britse rundvlees meer te verwerken, de dalende rundvleesverkopen, actievoerende vegetariërs, de reacties van het publiek, het verhaal van een CJD-slachtoffer , etc. Al die publiciteit bevestigt onvermijdelijk het beeld van een buitengewoon ernstig gezondheidsrisico.
De Britse overheid heeft ook een zeer bepalende rol gespeeld bij die definiëring van het BSE-gevaar: aanvankelijk volgde het ministerie de strategie van de mediastilte, vervolgens, toen het SEAC-rapport uitlekte, reageerde men overhaast en ongecoördineerd. Onduidelijke en tegenstrijdige verklaringen, waarbij de wetenschappers tegenover de overheid kwamen te staan zorgden voor een verdere uitholling van de geloofwaardigheid van de Britse overheid. "By withholding information, the British government tried to protect the public from unnecessary fear. Instead, it created a crisis which fostered even greater fear. The press eagerly filled the information void and fueled the crisis. Without a reliable central agency to disseminate trusted health information, the press presented inaccurate information and unsubstantiated conclusions. Fortunately, a few journalists gained perspective of the situation and published a fair portrayal of the risks, but not in time to alleviate the damage done in the previous weeks." Aldus onderzoeker Dornbusch in zijn onderzoek naar de mediaberichtgeving over BSE.
horror scenario Behalve in de grote maatschappelijke implicaties ligt een belangrijke reden voor de media-explosie in de buitengewoon 'mediagenieke' kenmerken van de BSE/CJD kwestie. Het verhaal heeft het karakter van een horror scenario, waarin miljoenen mensen overlijden aan een geheimzinnige, mensonterende hersenziekte die wordt veroorzaakt door het eten van zoiets alledaags als rundvlees. Iedereen zou dus slachtoffer kunnen zijn. En om de verontrusting nog groter te maken: de eerste symptomen bestaan uit apathie en slaapproblemen. Bovendien leent BSE/CJD zich uitstekend voor angstaanjagende metaforen: de labeling van BSE tot de 'mad cow disease', legt de basis voor talloze beeldspraken en vergelijkingen tussen mens en dier. Het woord 'mad' is in de berichtgeving al snel ook van toepassing op de stuntelende en struikelende Britse overheid ("It's a Mad, Mad, Mad, Maff world." Observer on Sunday), de Engelsen in het algemeen (zoals in het veelgebruikte "Mad Cows & Englishmen.") of zelfs de hele voedselketen ("A food chain gone mad"). Ook de vergelijking tussen de wankelende en uitglijdende koeien en mensen die door een hersenziekte niet alleen hun coördinatievermogen verliezen, maar ook hun verstand en daarmee hun persoonlijkheid is populair. Deze gekke-koeienziekte waar mensen ook aan kunnen overlijden (waarmee de twee ziektes één zijn geworden), heeft in veel publicaties ook een symbolische waarde: het is de wraak van de natuur op de mens die de regels heeft overtreden. Deze semi-religieuze duiding is ook terug te vinden in de berichtgeving over Aids (in de beginperiode) en het Ebola-virus (als wraak voor het kappen van het regenwoud).
epidemie? Latere onderzoeken bevestigen dat de ziekteverwekker van BSE identiek is aan het prion-eiwit dat wordt aangetroffen in de hersenen van de patiënten die zijn overleden aan de nieuwe vorm van CJD. Maar ook bijna drie jaar na de start van de BSE-crisis is nog steeds onduidelijk of er sprake kan zijn van een epidemie van nv-CJD als gevolg van vleesconsumptie. Het kleine aantal van 30 gevallen in Groot-Brittannië van 1995 tot nu toe staat geen scherpe schattingen toe, en die variëren dan ook van enkele honderden tot mogelijk tienduizenden slachtoffers. De kleine aantallen wijzen op een zeer lange incubatietijd, maar misschien is de kans op besmetting via vlees bij nader inzien toch zeer klein. Per jaar overlijden overlijden in Groot-Brittannië gemiddeld 38 mensen aan de zogenaamde sporadische variant van CJD, die spontaan ontstaat, in totaal 152 sinds het ontdekken van de nieuwe variant in 1995. In vergelijking met andere gezondheidsrisico's is de kans op nv-CJD nog steeds extreem klein en in feite is de besmettingkans sinds 1992 alleen maar verder afgenomen. Bovendien zou BSE ook zonder de draconische maatregelen rond 2001 zijn uitgestorven als gevolg van de Offal Food Ban. Het ontstaan van de miljardenverslindende BSE-crisis en de gigantische publiciteitsgolf in het voorjaar van 1996 valt dan ook te verklaren uit een combinatie van gebrekkige 'risico-communicatie' door de Britse overheid en een opgewonden crisis-berichtgeving, waardoor een 'self fulfilling prophecy' optreedt. De bekendmaking van een mogelijk verband tussen BSE en nv-CJD en de wetenschappelijke speculaties over de gevolgen waren voor de media en het publiek een signaal dat het rundvlees niet langer absoluut veilig was. De daarop volgende sociaal-economische crisis zorgde ervoor dat de berichtgeving die daarvoor in handen was van wetenschapsredacties, nu terecht kwam bij algemene verslaggevers die wetenschappelijke onzekerheden vertaalden in heuse doemscenario's en die een voorkeur hadden voor bronnen met extreme visies.
momentum Inmiddels heeft ook Nederland vier gevallen van BSE-besmettingen gehad en is er zelfs een (vermoedelijk) nv-CJD geval gesignaleerd, maar tot grote ophef leidt dat niet. Dat twaalf inmiddels geslachte stalgenoten van de in 1998 ontdekte BSE-koe Trix 9 uit Heeten niet zijn terug te vinden in het Registratie- en Identificatiesysteem en dat er naar schatting een half miljoen van dergelijke 'zwevende' koeien zijn, komt niet verder dan een kort ANP-bericht. Het laat zich raden welke impact dergelijke berichten zou hebben gehad op het hoogtepunt van de mediahype ruim twee jaar geleden, maar nu dat momentum is nu duidelijk voorbij. |
|
|
|
||