Nieuwsbrieven uit Tarin Kowt, Humanistisch raadsvrouw Ingeborg Takken
Geactualiseerd: 30 november 2008
'Wie een waarom heeft waarvoor hij kan leven, kan bijna elk hoe verdragen'.

Friedrich Nietzsche

Meer foto's

Uruzgan weblog biedt een compleet overzicht van alle openbare bronnen omtrent de missie in Uruzgan.

Lokale tijd: 2,5 uur later
NOS Journaal: dossier Aghanistan

NRC Handelsblad: Uruzgan

Volkskrant: dossier Afghanistan

Vrij Nederland: dossier Afghanistan

Uruzgan weblog

Ministerie van defensie: Afghanistan

Ministerie van defensie: foto's missie Uruzgan


Nieuwsbrief 30 november 2008


Dit wordt mijn laatste stukje voor de site. Nog een paar dagen en dan vlieg ik naar Kreta en dan écht RTB (return to base): naar huis. Kan niet wachten om mijn liefsten weer in de armen te sluiten.

Ik ben een eergister terug gekomen van Chora. Was een vrij rustige tijd. Mooie tijd. Laatste bezinningsdienst daar gedaan. Patrouille gelopen. Gepraat natuurlijk en ……. mijn 50e verjaardag gevierd! Dat was echt een superdag.

’s Ochtends er uit voor patrouille. Een buitengewoon relaxte dit keer want geen overwatch op steile berg aan het einde. In tegenstelling tot de patrouille daarvóór. Die eindigde met een behoorlijk steil stuk. Ik had mijn kogelwerend vest superstrak aangetrokken want dat is lekker bij het lopen. Stom! Dat is dus níet lekker meer als je ineens heel diep moet ademhalen. De laatste meters bergopwaarts ging ik echt stuk. Maar ik had een paar schatten naast me lopen die een supercombinatie hadden van streng ( even doorzetten nu), behulpzaam (zal ik iets voor u dragen? Nee.) en lief (Nou respect hoor, mijn moeder zou ’t niet kunnen).

Maar goed, de patrouille op mijn verjaardag had dus niet zo’n ***berg al zaten ze me wel steeds te jennen toen we toch een stukje bergopwaarts moesten: “Ziet u die hoge berg daar? Die gaan we op en dan mag u bovenop een vlag met 50 planten!”

Toen we terug op de FOB waren liep ik een beetje in gedachten (laatste patrouille, laatste dag op Chora) naar de ingang. Hoor ik ineens: “Hey Takken, wel blijven waarnemen!” Ik kijk op en zie een stoel met daarop een levensgrote Sarah zitten. Mijn slaapplek was helemaal versierd met slingers en ballonnen en grote borden met 50 jaar, waarbij de 0 de vorm van een tijgerkop had en zelfs, heel subtiel, een flesje water naast mijn bed met een rietje met een tijgertje. (De tijger is het symbool van de Charlie-tijger-compagnie.) Ik moest even erg op mijn lip bijten….



’s Avonds was er taart (had ik meegenomen) en werd ik gehiept (op een tafel staan, feestmuts op en dan hiep hoera). Er waren nog meer leuke en bijzondere dingen, vertel ik allemaal wel een keer.

De foto bij dit stukje is genomen door Jeroen Oerlemans, een fotograaf die de compagnie volgt deze uitzending en die zo lief was om deze foto voor publicatie op mijn site vrij te geven. (Mooie gesprekken levert dat trouwens ook op. Fotograaf, kijken, waarnemen, diep genoeg doorgedrongen in de compagnie om te zien, te begrijpen en toch ook buitenstaander, vragend en registrerend wat voor ons vanzelfsprekend is geworden.)

Die avond ook samen de documentaire gekeken van het bezoek van de ouders van Cor Strik (gesneuveld tijdens inzet van de C-tijger-compagnie vorig jaar in Sangin) aan de ouders van de amerikaanse militair die omkwam toen hij het lichaam van Cor wilde bergen. Het was bijzonder om samen te kijken. Mooie beelden. Het snijdt toch steeds weer door je ziel. Zoveel verdriet, zoveel liefde, zoveel kracht in het zoeken hoe gaan we hier mee om.


De dag erna terug naar TK. Afscheid van de jongens die met nog een ander peloton van de compagnie weer terug naar boven gingen. Ze nog op het hart drukken voorzichtig te zijn. Slaat natuurlijk nergens op maar ze moeten nog héél even en het zou zo afschuwelijk voelen als ik net weg ben en er gebeurt in die laatste dagen nog wat heftigs.

Toen ik naar mijn fab liep: nieuwe verrassing. Ook daar zat een Sarah voor de deur. Compleet met een foto van mij als gezicht met een sigaret in de mond gemonteerd. Slingers, balonnen, taart. Dubbelop? Nee hoor. Gewoon heerlijk! Heel veel kaartjes, heel veel mail van soms zo verrassende afzenders dat het me echt ontroerde. Heel veel verjaardagszoenen. Cadeautjes. Een zelfgemaakt boek van mijn liefste met zoveel aandacht, zoveel liefde dat ik er een half uur van moest huilen.

Het deed me allemaal zo goed. Natuurlijk vier ik mijn 50e verjaardag liever met Rob en de kids thuis, maar dit alles was wel heel erg next best!


En nu zijn onze opvolgers er en zitten we in de HOTO (hand over / take over). Het was heerlijk om ze te zien. We overladen ze met een stroom aan do’s en dont’s. Puzzelen samen wanneer het beste moment is om clienten over te dragen. Ik vind het nooit makkelijk om los te laten eerlijk gezegd maar met opvolgers zoals we die nu hebben is het goed.

Soms neem ik even een time-out. Om te beseffen dat ik weg ga. Dat de uitzending over is. Om terug te kijken op zoveel maanden, zoveel intense momenten, zoveel verbondenheid. “Ik zal u missen.” “Ja jongen, ik jou ook.”





Nieuwsbrief 13 november 2008


De rotatie is begonnen. De tijd van uitzwaaien en binnenhalen. Allebei leuk. Groepen die voor de laatste keer de poort binnenrijden, zo mooi. Ze moeten vaak nog een aantal dagen (materiaal klaarmaken voor overdracht enzo), maar ze rijden op dat moment voor de laatste keer de gevarenzone uit. “Ik ga zo mijn moeder bellen, kan die ook weer rustig slapen. Ze zal wel huilen.” Mensen sluiten elkaar in de armen, blikjes alcoholvrij bier worden niet leeggedronken (op Kreta wacht écht bier) maar leeggespoten over commandanten, het is feest.

Nieuwe groepen komen binnen. Met witte gezichten (gebrek aan zon gecombineerd met een lange reis) maar wel gretig om aan hun term te beginnen. Ze hebben nog net het geduld om naar de info, tips en tools van hun voorgangers te luisteren maar willen zo snel mogelijk zelf aan de slag. Ook deze lichting heeft een flink luchtmobiel gehalte dus dat betekent voor mij ook weer bekenden treffen. Soms echt heerlijk om bij te kletsen. Laatst zelfs zo lang dat we allebei onze briefings vergaten. Slecht! Maar wel leuk.


Zelf moet ik nog een paar weken. Binnenkort ga ik nog een keer een tijdje naar buiten. Voor het laatst. Dan komen onze opvolgers en hebben we een aantal dagen waarin zij hun plekje kunnen zoeken en wij het werk kunnen overdragen.

Maar vooralsnog blijft ons werk gewoon doorgaan. Niet iedereen heeft fijne laatste weken. Soms breekt er toch nog iets in het zicht van de eindstreep. Dat is dan echt verdrietig. En niet iedereen gaat naar huis. De mensen van het Provinciaal Reconstructie Team en de TFU-staf bijvoorbeeld hebben langere termijnen en moeten nog meer dan twee maanden.

Hoe dan ook, het is pas over als het over is. Ook de TIC’s en IED-strikes gaan gewoon door. Hopelijk wordt dat nu snel minder (de TIC’s waarschijnlijk wel) omdat het winter wordt. Ineens is het weer aan het omslaan en de temperaturen maken een vrije val naar beneden.

’s Nachts beginnen we richting vriespunt te gaan. In het veld slapen begint aan charme in te boeten. De verwarming op mijn fab staat regelmatig op standje kernsplitsing.


Ik wist niet zo goed wat ik met al die zakken pepernoten aanmoest die ik van thuis kreeg opgestuurd, maar sinds het zo koud is kom ik ineens in stemming, zit de hele dag pepernoten te eten. De avonden buiten aan de tafel zijn ook voorbij. Ze zijn ingewisseld voor een wekelijkse social op mijn fab met kaarsjes en muziek. Gezellig. Het brengt ineens die sfeer die me doet verlangen naar huis. Echt heerlijk straks onder de kerstboom met een glas wijn en iedereen van ik houd op aanraak-afstand.

Maar goed, eerst dus nog de laatste weken hier. Gaat lukken hoor!






Nieuwsbrief 2 november 2008



Ik ben d’r weer. Terug van 2 weken in het veld. Operatie Bor Barakai. Ik heb begrepen dat er bij jullie het een en ander van in het nieuws is geweest. Dat is af en toe wel een grappig hoor. Wij weten hier niet altijd wat er wanneer in het nieuws is en zeker niet als je zelf in het veld bent. Opsec (operational security, dus ook niks loslaten over operationele plannen en gegevens) is natuurlijk heel belangrijk, dus vertel je bijvoorbeeld aan het thuisfront niet wanneer je weggaat voor iets en al helemaal niet wat je dan gaat doen. Topsecret, zal ik maar zeggen. En dan krijg je het volgende effect: Vanuit het veld mogen we even een paar minuten naar huis bellen met de sateliettelefoon omdat we er al zo lang zitten. Niks vertellen verder, alleen even laten weten dat alles o.k. is en vragen hoe het thuis is.

Dat gaat als volgt: Hey hoi, met mij. – Hey hallo, ben je weer terug op het kamp? – Nee, nog niet, ik mag even vanuit het veld bellen. – Oh, ik dacht dat nu die actie is afgelopen… - Welke actie? – Ja, jullie hebben toch de Mirabadvallei schoongeveegd? Ik begreep met zo’n 1000 man. Niet allemaal van jullie, maar met de Britten en de Yanken. Wel mooie resultaten. En dan volgt een gedetaileerde opsomming van wat er allemaal is gevonden. Hoe weet jij dat nou? – Oh dat is hier in het nieuws geweest. Ik dacht dan is ze dus daarmee bezig.

Grappig om dat zo via de band allemaal terug te horen in een telefoongesprek met thuis. De actie was inderdaad al voorbij maar de groep met wie ik mee was bleef nog langer daar om onze aanwezigheid en invloed in het gebied in stand te houden.



Toen we voor de operatie vertrokken vanaf TK was er een lichte spanning. Het zou heftig kunnen worden. De meningen verschilden, de bijbehorende gevoelens ook. Qua gevechten is operatie Bor Barakai niet spannend geweest maar dan nog is twee weken echt in het veld erg lang. Dat is anders dan op een FOB (Forward Operating Base, vooruitgeschoven post) zoals Chora.

14 Dagen in het veld dat betekent 14 dagen erg veel wachtlopen, iedere dag heel vroeg wakker worden, patrouilles lopen voor een deel van de mensen, omgehangen klaar staan terwijl je de patrouille volgt om eventueel te steunen voor een ander deel van de mensen.

Dat is hopen dat je schoenen die bij het oversteken van riviertjes doorweekt raken op tijd droog zijn voor de volgende tocht en hopen dat het niet gaat regenen want dan blijft het niet bij natte schoenen.

Dat betekent 14 dagen onder een zeiltje slapen terwijl het flink koud begint te worden (ik was blij dat ik iets meer bij me had dan een zomerslaapzak), poepen in een vuilniszak, je eigen vuil verbranden, je wassen met flesjes water of wat schoonmaakdoekjes en een zelden geslaagde poging doen het stof uit je haren te borstelen.


Dat betekent ook 14 dagen tijd voor mooie en soms indringende gesprekken, voor een bezinningsdienst met muziek uit twee kleine boxjes, voor heel veel humor, voor kaartspelletjes en voor eindeloos elkaar treiteren met het opsommen van alle lekkere dingen die je kunt eten en drinken en die daar niet zijn. Of soms ineens wel….

Onze groep had van de tolk een paar eieren gekregen. We hadden er roerei van gemaakt. Er was voor iedereen ongeveer ¾ ei. Ieder hapje was puur genot. Later kregen we bij een bevoorrading door de lucht een paar broden en wat fruit. Moesten we delen met heel veel mensen. Pure mats, want in het veld behoor je gewoon van MRE’s te leven, maar echt vers brood is zo lekker en een appel is helemaal de jackpot. Dan blijken de lontjes ineens wat korter geworden als iemand naast het hem toegewezen sneetje brood ook nog het korstje heeft ingepikt…. Wel mooi hoe alle normaal gesproken vanzelfsprekende dingen, dan ineens zo kostbaar worden. En dan heb je het over thuis. Hoe dat gevoel straks nog even zal blijven hangen en dat ook jij je op een dag weer druk zult maken als jouw favoriete merk pindakaas uitverkocht blijkt te zijn enzo.


Voor deze groep was het de laatste echte grote klus voordat ze over een tijdje naar huis gaan. Dan kijk je ook terug op de missie. Wat hebben we bereikt? Wat heb jij bereikt, geleerd? Wat was belangrijk en wat niet. Wat ga je doen als je weer terug in Nederland bent? Blijf je bij de compagnie? Blijf je bij defensie? Het zijn vaak leuke gesprekken, dat zoeken naar wat je wilt en kunt, hoe je je toekomst ziet.

Punt wat ook vaak terug komt: mijn thuisfront maakt zich zorgen over of ik veranderd zal zijn als ik terug kom. Makkelijk antwoord: natuurlijk verander je na zoveel intensieve maanden hier. Als je vier maanden een wereldreis zou maken, verander je ook. Maar daar gaat het natuurlijk maar ten dele om. De zorg zit hem in ongewenste veranderingen. Hoe merk ik dat dan? Gaat dat vanzelf weer over? Wanneer heb ik dan echt een probleem? Kan je dat hebben zonder dat je iets merkt?

En dan heb je het daar samen over. In zijn algemeenheid of specifiek. Hoe soms heftige ervaringen gaandeweg een plekje kunnen krijgen. Waar dat wel of niet moeilijk zou kunnen zijn en wat je dan kunt doen. Hoe je kunt zorgen dat je weer goed contact maakt met iedereen die je thuis zo lief  is. Dat je ook tijd en ruimte nodig hebt om te schakelen.

Grappig voorbeeld: ik zeg: “ik hoor jullie bijvoorbeeld steeds over de meest woeste plannen met je vriendin in bed maar als je straks thuis komt zijn er zat mensen die daar als het zover is ineens helemaal geen zin in hebben. Die zitten eerst nog even in hun eigen bubbel.”

 …………..diepe stilte en verbijsterde blikken…….

En dan komen aarzelend de eerste bevestigingen van wat ervarener lui. Dat ze dat wel eens hoorden van maatjes. En dat hun vriendin zich dan ineens afgewezen kon voelen.

En dan komen de eerste grappen: “oh dan zeg ik gewoon dat de raadsvrouw al gezegd heeft dat we bij thuiskomst impotent zijn.” Die geef ik dan een klap op zijn kop: “Ga je hier nou gewoon een beetje mijn woorden zitten verdraaien…érrug!!!”. En dan wordt het weer serieus: “Gaat dat dan weer over?” “Tuurlijk, je hebt normaal toch ook wel eens geen zin?” Gelach. “Echt niet.” “Nou, als het echt niet over gaat dan moet je even aan de bel trekken want dat is zonde.”



Terug op het kamp waren de warme douche, de schone kleren, het echte eten en mijn eigen bed een heerlijke luxe. Ook goed om de rest weer te zien. Soms hele hartelijke reacties, fijn.

Leuk was ook dat onze generaal van luchtmobiel hier op bezoek bleek te zijn met zijn brigade-adjudant. Hotemetoten-bezoek is soms lastig, soms interessant, soms gaat het totaal aan je voorbij. Maar dit bezoek vind ik echt leuk, fijn om ze te zien. Ik merkte dat meer mensen dat hadden. Hetzelfde geldt voor het bezoek van de compagniescommandant van onze luchtverdedigingscompagnie, die hier nogal wat mensen heeft zitten. Fijn om bij te praten. Minder is dat zijn jongens gister op een IED zijn gereden, gelukkig geen echte gewonden naar het zich nu laat aanzien. Het blijven klotedingen. Zelfs als ze geen gewonden veroorzaken. De mentale druk die hun bestaan met zich meebrengt kunnen we missen als kiespijn.


Vandaag bezinningsdienst gedaan. Het is Allerzielen, voor de katholieken een dag om de doden te gedenken. Maar gisteravond laat namen we de beslissing dat Casimir (aalmoezenier, katholiek) vanochtend vroeg de poort uit zou gaan. Toen moest ik even doorwerken om een nieuwe dienst voor te bereiden want als ik het doe moet het toch weer anders. We hebben onze ISAF-collega’s herdacht die hier sneuvelden. We hebben stilgestaan bij onze eigen kwetsbaarheid. We hebben stilgestaan bij de zin van de dingen die we hier doen, het waarom en waarvoor we risico lopen. Het was goed, ook voor mezelf. Bij veel van de mensen die hier sneuvelden was ik op een of andere manier betrokken. Professioneel maar nooit zonder dat daar ook een stuk persoonlijke betrokkenheid in zat. Het voelde goed om daar in alle rust op deze manier contact mee te maken.

En voor de rest is het vandaag een redelijk rustige dag. Tijd om dit stukje te schrijven, tijd voor een kop koffie bij de Echo’s. Straks nog een briefing en de groep opvangen die op de IED is gereden. En vanavond vroeg naar bed want dat lukte gister dus niet echt…..




Post verzenden naar Uruzgan Kaart Uruzgan

Amnesty International: dossier Afghanistan

Human Rights Watch: Afghanistan

Humanistische geestelijke verzorging in de krijgsmacht

Raadsman in Uruzgan: Weblog Norbert de Kooter

Raadsman op Curacao: Weblog van Erwin Kamp

Universiteit voor Humanistiek

Humanistisch Verbond

Human.nl