home | publicaties | woordenlijst | links

Suggesties voor uitrusting bij kanotochten

Absoluut belangrijk bij kanovaren is dat alles wat niet nat mag worden, goed waterdicht wordt verpakt -- zelfs al gebruik je een spatzeil. Daarbij is het handig om alles zo compact mogelijk op te bergen, bijvoorbeeld in waterdichte tonnen en/of overdraag-rugzakken. Dat is gemakkelijker bij het overdragen, maar ook als je omslaat heb je maar een beperkt aantal uitrustingsstukken om je over te ontfermen, in plaats van een heleboel losse spulletjes... In dat verband is het ook belangrijk om er voor te zorgen dat alles blijft drijven!

Kleding

Wat betreft kleding is het zaak om er vanuit te gaan dat je nat kunt worden bij het kanovaren -- of het nu door spatwater, buiswater, transpiratie, regen of omslaan is. Draag daarom tijdens het peddelen in ieder geval kleren die nog enige isolatie bieden als ze toch nat zijn geworden en die liefst ook snel weer drogen. Het moet ook kleding zijn waar je gemakkelijk in kunt peddelen maar ook goed mee kunt zwemmen! Neem altijd reservekleding mee wanneer je kleding te koud zou zijn als die nat geworden is!
TIP: wanneer je kletsnatte kleren goed uitwringt en er dan een regenpak overheen aantrekt, kun je onderkoeling nog enigszins tegengaan als je onverhoopt geen droge kleren (meer) hebt nadat je bent omgeslagen.

Voor het overige geldt, net als bij de andere takken van buitensport, dat je jezelf in diverse lagen moet kleden waarmee je ook kunt varieren in isolatie. Goed uitgekiend, beperkt dat ook de hoeveelheid reservekleding die je mee moet nemen. Van belang daarbij is een goed aansluitende pasvorm en voldoende winddichtheid van de buitenste laag om de isolerende onderlagen optimaal te laten functioneren. Sommige materialen isoleren beter voor hun gewicht dan andere, en dat is van belang als je gewicht wilt besparen.

Regenkleding

Voor peddel-doeleinden is een anorak met neopreen manchetten aan te raden. Anoraks hebben namelijk geen ritsen die gemakkelijk buiswater kunnen doorlaten, en neopreen manchetten beschermen je armen tegen nat worden en je polsen tegen koude als ze nat geworden zijn. Een regenhoed is daarbij vaak comfortabeler dan een capuchon.
Voor een regenbroek moet je geen superdun lichtgewicht materiaal kiezen. Niet alleen omdat het zitvlak en de knieen (wanneer je knielt) van een regenbroek nogal te lijden hebben bij het peddelen, maar ook vanwege 'ruige' situaties op de wal, waar je mee te maken kunt krijgen bij het in- en uitstappen en overdragen.

Schoeisel

Zeker bij kanotochten in natuurlijke gebieden, kun je er vanuit gaan dat elk soort schoeisel dat je aanhebt doornat zal worden. In natuurlijke gebieden ontbreekt het namelijk vaak aan geschikte wallekanten om zonder natte voeten in- en uit te stappen en bagage in- en uit te laden. Ook kan het voorkomen dat je met de kano moet waden.

Het nut van laarzen of hoge schoenen is bij kanovaren daarom beperkt omdat ze, eenmaal van binnen toch nat geworden, in principe slecht drogen. En ook al zijn ze (nog) droog, dan is dagenlang peddelen met laarzen of 'bergschoenen' aan niet echt comfortabel, zeker niet als je geknield vaart.

Houten klompen zijn warm, luchtig en drogen goed wanneer ze nat zijn geworden. Helaas zijn klompen niet echt handig om mee te varen in een kano en, behalve op vlakke (wei)landen, lopen ze niet goed -- ermee waden (laat staan zwemmen) kun je wel vergeten.

Neopreen schoenen kunnen goed voldoen, met name voor wildwatervaren. Maar je loopt voortdurend met klamme voeten en als het warm weer is, zijn ze behoorlijk benauwd. Op den duur kunnen neopreen schoenen ook behoorlijk gaan stinken... De meeste neopreen schoenen lopen ook niet zo prettig, wat lastig is bij lange overdragingen.

Sandalen voor watersport-doeleinden kunnen goed voldoen bij kanotochten, omdat je er goed mee kunt lopen en ze snel kunnen drogen. Benauwd zijn ze in ieder geval niet!

    TIPs voor sandalen:
  • In koude omstandigheden kun je sokken dragen in je sandalen:
    • Wollen sokken voldoen daarvoor het best, aangezien die zelfs vochtig nog wat warmte lijken te geven. Goede wollen wandelsokken zijn daarbij nog redelijk slijtvast.
    • Acryl en polyester fleece sokken zijn veel slijtvaster dan wol maar lang zo warm niet en ze gaan erg snel heel erg stinken...
    • 'Ademende' waterdichte sokken zijn niet waterdicht genoeg wanneer je er mee in het water loopt en drogen slecht aan je voeten.
    • Neopreen sokken zijn duurzaam en relatief warm maar niet zo comfortabel bij trektochten.
  • Bij koude en natte omstandigheden kun je lange waterdichte 'kousen' zoals die van Zoelzer over je wollen sokken in je sandalen dragen. Die functioneren dan als een soort super-lichtgewicht laarzen die je goed kunt drogen als ze van binnen toch nat zijn geworden en heel compact kunt opbergen als je ze niet gebruikt.

Kanokar

Een kanokar is een handige voorziening om een kano, eventueel met bagage erin, te verplaatsen. Naarmate het terrein echter ruiger en steiler wordt, zal een karretje amper of niet meer bruikbaar zijn. In dat geval zul je alles toch zelf moeten dragen!
    TIPs:
  • Controleer of het karretje drijft, en zo niet, maak het dan drijvend door er bijvoorbeeld een schuimblok in vast te maken.
  • Een karretje zonder doorlopende midden-as is geschikter voor gebruik op ruig terrein.
  • Dikke banden zijn veelzijdiger bruikbaar dan dunne bandjes.
  • Hoe lichter je belading, hoe bruikbaarder een karretje nog is op ruiger terrein.
  • Een karretje moet sterk genoeg zijn, of niet te zwaar belast -- zie ook het vorige punt. (Hoe vaak ik al niet heb gehoord van kanokarretjes die het onderweg begaven...!)
  • Een goed gevormd draagvlak zonder drukpunten voorkomt beschadigingen aan de kanoromp, met name wanneer het gaat om zware belading in super lichtgewicht kano's.
  • Vergeet niet om bandenreparatiespul inclusief pomp(!) mee te nemen als je een karretje met luchtbandjes gebruikt.

Overdraging

Overdraag-rugzakken

Het voordeel van overdraag-rugzakken van firma's als Cooke Custom Sewing en Duluth Packs is dat ze de beschikbare ruimte in de kano beter benutten en gemakkelijker overdragen dan waterdichte tonnen, ook omdat overdraag-rugzakken zelf minder wegen. Overdraag-rugzakken zijn verkrijgbaar in diverse maten en uitvoeringen al of niet waterdicht. Waterdichte rugzakken gaan echter (te) gauw lek door slijtage en beschadiging, dus voor de lange termijn kun je beter sterke, niet-waterdichte rugzakken gebruiken, waar je je in waterdichte zakken opgeborgen spullen veilig instopt.

Overdraagrugzak met inhoud

Knielmat

Als je geknield vaart -- al is het maar af en toe -- dan is polstering voor je knieen wel zo prettig. Voor toervaren kan een groot stuk EVA (Ethyl-Vinyl-Acetaat) van een winterslaapmat (18 mm dik) voldoen: het is duurzaam, sterk, niet zwaar en neemt geen water op. Een dergelijk matje kan daarnaast dienst doen als royale zitlap. (Neem wel een zwarte mat, dat droogt beduidend sneller dan bijvoorbeeld een gele!) Voor wildwatervaren moet je speciale kniestukken vast in je kano bevestigen.

Kano-reparatiemateriaal

Watervast reparatietape is het meest essentieel om mee te nemen. Andere vormen van reparaties zijn vaak (te) moeilijk om uit te voeren tijdens tochten. Door de huidige sterke kanomaterialen is de behoefte aan echte reparaties in het veld voor bedreven vaarders ook niet meer zo aanwezig? Definitief herstel kan veel beter plaatsvinden onder de juiste omstandigheden met de juiste hulpmiddelen.

Reddingsvest of Zwemvest?

Een goed passend zwemvest is bij kanovaren belangrijker dan een reddingsvest, want met een reddingsvest kun je minder goed zwemmen -- en dat is juist bij het doen van (zelf)reddingen met een kano van belang. Een reddingsvest is ook niet comfortabel genoeg om in te peddelen.

Onderkomen

Voor kanotrektochten is het van belang dat een tent behoorlijk windvast is en zo min mogelijk kritische 'haringposities' heeft -- dat vergroot de kans om een goede kampeerplek te vinden. Verder is het prettig wanneer je onderkomen je wat bewegingsvrijheid biedt om langdurig in te verblijven, aangezien het regelmatig kan voorkomen dat je een kanotocht een dag of wat niet kunt voortzetten doordat het te hard waait en/of de golven te hoog zijn. Totaalgewicht van een ruime tent voor 2 personen kan voor kanotrektochten dan uitkomen op zo'n 5 kg -- hoe lichter, hoe beter! Alternatief is een kleine lichtgewicht tent met een lichtgewicht tarp er bij. Een tarp biedt echter minder bescherming tegen regen, wind, koude en muggen dan een tent.

Tent

Dubbel- of enkeldakstent?

Het voordeel van een dubbeldakstent is dat de binnentent daarvan nog wat nattigheid (zoals condensdruppels) kan tegenhouden en dat een dubbeldakstent warmer is dan een enkeldakstent -- zeker wanneer je de buitentent goed winddicht kunt afsluiten. Een goede binnentent beschermt ook effectiever tegen muggen en dergelijke.

Losse of vaste binnentent?

Mijn voorkeur gaat uit naar een losse binnentent. Niet alleen vanwege het droger kunnen houden van je binnentent in natte omstandigheden, maar ook omdat je de binnentent dan geheel of gedeeltelijk weg kunt halen zodat je wat meer ruimte krijgt om in je tent te zitten. Groot voordeel daarvan is ook dat slijtage van het grondzeil op die manier aanzienlijk wordt beperkt.

Waterdichte tent?

Bij kunststof tenten met een siliconen coating wordt wel aangeraden om de naden waterdicht te maken met een speciale lijm. Bij een goed genaaide tent zal dat amper nodig zijn. Wel moet je met afspannen terdege rekening houden met de krimp van een polyamide tent wanneer die warm/droog wordt. Want die krimp kan dan zo groot zijn, dat de naden inderdaad kunnen gaan lekken als je tent (te) strak afgespannen is!

Slaapzak: dons of kunststofvezel?

Het voordeel van een slaapzak met kunststofvezel als vulling is dat de warmte-isolatie daarvan veel minder achteruitgaat door vochtigheid. Vanzelfsprekend moet je een slaapzak altijd zodanig verpakken dat die bij het kanovaren absoluut niet nat kan worden. Maar zeker bij kanotochten in het voor- en najaar is condens op de slaapzak eerder regel dan uitzondering. Een donzen slaapzak die dan 's morgens vroeg vochtig is ingepakt, dient dan wel goed gelucht te (kunnen) worden om 's nachts weer warm genoeg te zijn. Ook moet je natuurlijk een goed waterdichte tent hebben. Als je aan die voorwaarden kunt voldoen, gaat mijn voorkeur toch uit naar een donzen slaapzak (met polyamide binnen/buitentijk) omdat die veel lichter en beduidend duurzamer is dan een slaapzak met kunststofvezel als vulling.

Kookgerei

Roestvaststalen pannen zijn sterker en duurzamer, maar aluminium is lichter en heeft een veel betere warmtegeleiding. Vooral aluminium (bak)pannen met een teflon bekleding bakken bijzonder goed, met name voor eieren en pannekoeken. Titanium is superlicht, maar geleidt warmte nog slechter dan staal, en is in mijn ogen daarom niet zo geschikt voor pannen, zeker niet om te bakken. Als materiaal voor borden en bestek vind ik titanium wel ideaal, juist omdat het de warmte minder goed geleidt dan aluminium.

Brandstof

Wat betreft brandstof ligt mijn voorkeur bij butaan-propaangas, omdat dit schoon en gemakkelijk functioneert -- geen gepriek met stinkende, schadelijke vloeistoffen en lastig bedienbare en onderhoudsgevoelige apparatuur. Voor een redelijke werking bij lage buitentemperaturen heb ik wel gekozen voor een gasbrander die direct op het gasblikje wordt geschroefd en gebruik ik een windscherm. Met mijn verbruik van ongeveer drie (230 grams) gasblikjes per week voor 2 personen EN omdat ik met twee lichtgewicht gasbranders werk, vind ik zowel de omvang als het totaalgewicht van mijn kookuitrusting relatief niet ongunstig voor kanotrektochten waar je alle benodigde brandstof in de kano zelf meeneemt.

Gewicht in de kano

Vanwege de ogenschijnlijk grote bergruimte van de open kano en doordat kanobouwers vaak alleen maar een volume-capaciteit bij hun kano's opgeven, kun je het idee krijgen dat gewicht van belading geen rol speelt bij het kanovaren. Echter, het gewicht waarmee een kano optimaal vaart, is in veel gevallen nog minder dan de helft van die 'volume-capaciteit'! Voor de gemiddelde all-round tandem toerkano komt dat neer op een belading van zo'n 200 kg. Uitgaande van het gemiddelde gewicht van twee vaarders, kun je in zo'n boot dus circa 25 kg bruto per persoon aan bagage meenemen. Bruto betekent inclusief het gewicht van de voor kanovaren benodigde zaken zoals (reserve)peddels, zwemvesten, knielmatjes, (waterdichte) verpakkingen en kanokar. Bij kanotrektochten waar je veel proviand moet meenemen, zul je dan toch op gewicht moeten letten, wil je optimaal kunnen varen, of je moet een grotere kano nemen. Een grotere kano is echter relatief zwaarder en heeft bij dagtochten zonder zware belading meer last van de wind dan een vergelijkbare kleinere boot, ook doordat de koersvastheid, de stabiliteit en de 'loop' dan minder zijn.

Ander punt is dat wanneer bagage in verband met het overdraag'gemak' compact is verpakt, je dat gewicht toch zelf in en uit de kano zal moeten (kunnen) tillen en dragen. Hoe minder gewicht, hoe gemakkelijker dat gaat.

Femund