>

de Chordotomie

Polikliniek voor pijnbestrijding


Polikliniek voor pijnbestrijding


Inleiding
Het coeliacusblok is voor de behandeling voor pijn die uitgaat van de organen in de bovenbuik (lever, alvleesklier).
De zenuwen die van deze organen afkomen lopen door een zenuwknoop (de plexus coeliacus). Deze zenuwknoop ligt achter in de buik, juist voor de grote bloedvaten.
Vanuit de rug kan de zenuwknoop met een naald benaderd worden, waarna een vloeistof wordt ingespoten die de pijngeleiding onderbreekt, voor een goed resultaat wordt de zenuwknoop aan twee kanten aangeprikt.

De voorbereiding
De behandeling zelf vindt onder epidurale anesthesie (met een prik in de rug), of soms onder algehele anesthesie (narcose) plaats.
Voor welke van beide vormen van verdoving wordt gekozen wordt vooraf door de anesthesist met u besproken; de epidurale anesthesie verdient doorgaans de voorkeur.
Voor de behandeling moet u nuchter zijn, dat wil zeggen niet eten of drinken vanaf 24.00 uur 's nachts voor de dag van de behandeling wanneer de behandeling in de ochtend plaats vindt; als de behandeling 's middags plaatsvindt mag u een licht ontbijt gebruiken (een beschuitje met een kopje thee).
Op de behandeldag meldt u zich op de afdeling opname. Als u bloedverdunners gebruikt, dient u dit enkele dagen voor de behandeling te melden, zodat er passende maatregelen genomen kunnen worden.
Het is vervelend om lang te moeten wachten. Iedereen streeft er ook naar uw wachttijd zo kort mogelijk te houden. Wij vragen echter uw begrip voor onvoorziene omstandigheden, die soms tot een wat langere wachttijd leiden.

De behandeling


(methode 1)

In de behandelruimte ziet u dat de arts en zijn assistente operatiekleding dragen.
Allereerst wordt de epidurale anesthesie aangebracht. Meestal gebeurt dit terwijl u zit.
Na onsmetting van de rug wordt het middel voor de plaatselijke verdoving ingespoten.
Na ongeveer 15 minuten is deze verdoving ingewerkt.
Tijdens de behandeling wordt gebruik gemaakt van een röntgentoestel (doorlichting), zodat iedereen de procedure goed kan volgen op een monitor en de anesthesist de positie van de naalden kan bepalen.
De behandeling vindt plaats op een speciale smalle tafel, waarbij u op uw buik ligt.
Met behulp van de röntgenapparatuur wordt de plaats van de behandeling bepaald en met een viltstift aan weerszijden op de rug (net onder de ribben) aangegeven.
Vervolgens worden op deze plaats de twee naalden ingebracht; door de eerder aangebrachte verdoving is dit niet pijnlijk.
De juiste plaats van de naalden wordt vastgesteld door hierna een röntgencontrastmiddel in te spuiten.
Voor de verslaglegging in het medisch dossier wordt er een afdruk gemaakt van het röntgenbeeld.
Wanneer de positie van de naalden goed is, wordt de vloeistof ingespoten, waarmee de pijngeleiding wordt onderbroken. Dit geeft soms een kortdurend gevoel van warmte in uw bovenbuik.
De gehele behandeling duurt ongeveer 20 tot 30 minuten.


(methode 2)

De behandeling gebeurt op de röntgen afdeling met behulp van een CT-scan, in samenwerking tussen radioloog en anesthesioloog
Tijdens de procedure wordt u aangesloten op een anesthesieapparaat.
Er wordt een infuus ingebracht in de arm. Dit dient voor toediening van röntgencontrastmiddel en voor het toedienen van anesthesiemiddelen, wanneer dat tijdens bepaalde momenten van de procedure nodig is.
Na het toedienen van het contrastmiddel wordt een CT-scan van de buikorganen vervaardigd.
Met behulp van de opnames kan de plaats van de plexus coeliacus nauwkeurig bepaald worden
Vervolgens wordt met behulp van een laservizier door de radioloog de plaats op de buikhuid bepaald waar de naald voor de behandeling moet worden ingebracht.
Nadat de huid met jodium is ontsmet wordt de buik plaatselijk verdoofd.
Hierna wordt u (kortdurend) in slaap gebracht.
De anesthesioloog brengt vervolgens een naald in. Na het toedienen van een röntgencontrastmiddel kan de juiste plaats van de naald vastgesteld worden.
Juist door deze tweede contastinjectie, kan het uiteindelijke effect van de behandeling met redelijk grote zekerheid bepaald worden
Wanneer de positie van de naald goed is, wordt de vloeistof ingespoten, waarmee de pijngeleiding wordt onderbroken.
De gehele behandeling duurt ongeveer 30 minuten.


De nazorg:
Na de behandeling moet u meestal nog één of twee dagen in het ziekenhuis blijven, en houdt u tot de volgende ochtend een infuus.
De pleisters op de rug of buik mogen 's avonds verwijderd worden.

Voordelen:
De behandeling is over het algemeen niet erg belastend en geeft vaak een goede pijnverlichting.

Complicaties:
Na de behandeling kan de bloeddruk verlaagd zijn, daarvoor hebt u een infuus gekregen. Het lichaam corrigeert dit na enige tijd vanzelf.
Ook kan een korte periode van diarrhee optreden.
Deze bijwerkingen komen in 10% tot 20% van de behandelingen voor en gaan vanzelf na één of twee dagen over.
Dit is dan ook de reden dat u in het ziekenhuis wordt opgenomen, voor de behandeling.
(in uitzonderingsgevallen wordt de behandeling in dagverpleging gedaan).

Tot besluit:
Hebt u na het lezen van deze folder nog vragen over de behandeling?
Aarzel dan niet om te bellen naar het secretariaat van de afdeling pijnbestrijding: 0341-463773 .
U kunt dit nummer eveneens bellen als u om dringende redenen uw afspraak niet kunt nakomen.


Ziekenhuis "Sint Jansdal"
Harderwijk
maatschap anesthesiologie en pijnbestrijding

laatste update: 22 mei 2003

terug naar: Index pijnbehandeling.

© C. Zomers